
| « De 500 TwinAir: een revolutionaire stap vooruit! | Alweer een nieuwe prijs voor de MultiAir-technologie van de Fiat-groep » |

Tien jaar na de lancering van de exportgerichte Doblò is nu een nieuw tijdperk aangebroken voor Tofaþ, de Turkse joint venture van Fiat Group, die onlangs het miljoenste exemplaar van deze lichte bedrijfswagen van de productieband in zijn fabriek in Bursa zag rollen.
Follow up:
De Doblò werd in 2000 gebouwd op de eerste generatie onderstellen van de Fiat Uno en zette zo meteen een nieuwe standaard voor zuinige en eenvoudige lichte bestelwagens op de Europese markt. Dit heeft bovendien geleid tot de productie van een al even betaalbare personenauto. Tofaþ, een 50-50 joint venture tussen Fiat Group en het Turkse industriële conglomeraat Koç Holding, heeft ongeveer 70 procent van de Doblò’s die de afgelopen tien jaar in Bursa geproduceerd werden, geëxporteerd. Enkele jaren later kreeg het busje een facelift en in het najaar van 2009 kwam de nieuwe Doblò (tweede generatie) op de markt. Die tweede generatie was gebaseerd op de architectuur van de Fiat Grande Punto, maar werd uitgerust met de nieuwe twin-link-ophanging, terwijl de auto ontwikkeld werd door Tofaþ, dat eigenaar is van sommige IP-rechten.
De miljoenste Doblò die van de band rolde, was een monovolume voor personenvervoer, gespoten in "Turkish Coffee" en bestemd voor de lokale markt. Tal van prominente figuren kwamen de wagen uitwuiven, onder hen de CEO van Tofaþ, Ali Pandir, de Turkse Minister van Industrie en Handel, Nihat Ergün, en vertegenwoordigers van Koç Holding, onder wie de Voorzitter van de Raad van Bestuur, Mustafa V. Koç die volgens het Anatolia News Agency tijdens de ceremonie de volgende woorden liet optekenen: "De Fiat Doblò toonde de wereld dat de Turkse werknemer een product van topkwaliteit kan afleveren. Dankzij zijn kwaliteit, zijn hardware en zijn functionele voordelen is de Doblò het best verkopende model in Turkije."
Tijdens de ceremonie werd eveneens een elektrisch aangedreven prototype van de Doblò voorgesteld en gaf Pandir, die eerder aangaf dat Tofaþ 5 procent van zijn inkomsten in R&D investeert, een korte speech: "Een bedrijf dat niet in R&D investeert, gaat geheid ten onder in deze competitieve wereld. In 2000 telde de R&D-afdeling van Tofaþ 150 werknemers. Nu zijn er dat 450. Vroeger gaf Tofaþ 15 miljoen Turkse lire uit aan R&D. Vandaag is dat maar liefst 150 miljoen lire." Ondertussen zei Ergün dat de Turkse economie dit jaar met 6 procent zou kunnen groeien en dat de regering "stappen zette om de autoindustrie te ondersteunen."
Ook Gianpaolo Scarante, de Italiaanse ambassadeur in Turkije, gaf een speech. Volgens het Anatolia News Agency klonk die ongeveer als volgt: "Investeren in Turkije rendeert en een economische samenwerking met Turkije is een verstandige keuze. Vandaag is Tofaþ een van de drie grootste productiesites van Fiat ter wereld. Tofaþ is een bewijs van het grenzeloze vertrouwen dat mijn land in Turkije heeft – een vertrouwen dat merkbaar was toen Italië zich resoluut achter de toetreding van Turkije tot de Europese Unie schaarde."
Hoewel het basisconcept van de Doblò erin bestaat om een basic, goedkope en lichte bedrijfswagen op de markt te brengen, is er ook een versie met een 1.4 16v T-Jet-motor van 120 pk die voldoet aan de Euro 5-normen en die door Fiat Powertrain werd aangepast om zowel op benzine als op methaan te rijden, zonder daarbij al te veel kofferruimte (790 liter of 3200 liter met neergeklapte zetels) in te nemen. De Doblò "Natural Power" staat dan ook garant voor een uitzonderlijke prijs-kwaliteitverhouding.
De miljoenste Doblò die van de band rolde, was een monovolume voor personenvervoer, gespoten in "Turkish Coffee" en bestemd voor de lokale markt.